- advertentie -

Pensioenfonds krijgt nog duurdere klanten

Pensioenfonds krijgt nog duurdere klanten31-08-2010

De druk op pensioenfondsen, verzekeraars en overheidsfinanciën wordt verder opgevoerd nu de gemiddelde Nederlander nog eens jaren ouder blijkt te worden dan aanvankelijk gedacht.

De nieuwe levensverwachting staat in de nieuwste prognose van het Actuarieel Genootschap, de vereniging van verzekeringswiskundigen.

De voorspellingen van het genootschap hebben groot gewicht omdat ze door pensioenfondsen, verzekeraars en overheidsinstellingen worden gebruikt bij het berekenen van hun verplichtingen voor oudedagsregelingen. Eind vorig jaar constateerde het CBS ook dat de gemiddelde levensverwachting sneller stijgt, maar de actuarissen voeren hun verwachtingen nog verder op dan het CBS destijds deed.

In vergelijking met de vorige prognose uit 2007 heeft het genootschap de levensverwachting van een in 2050 geboren vrouw met vier jaar opgeschroefd. Een in hetzelfde jaar geboren man wordt gemiddeld drie jaar ouder dan eerder voorspeld. Zij zullen respectievelijk 87,3 jaar en 85,5 jaar oud worden, aldus het genootschap.

De snelle groei van de levensverwachting is rond 2001 ingezet. De oorzaak is dat mensen minder roken en hart- en vaatziekten beter kunnen worden bestreden.

Volgens het genootschap moet een 'gemiddeld pensioenfonds' er rekening mee houden dat de verplichtingen 5% tot 7% hoger worden. Over de gevolgen voor verzekeringsmaatschappijen zei het genootschap niets concreets. Analist Maarten Altena van SNS Securities stelt echter dat de marges, boekwaarde en solvabiliteit van Nederlandse verzekeraars 'aanzienlijk' kunnen worden geraakt. Verzekeraars zijn iets minder gevoelig dan pensioenfondsen, omdat ze ook producten verkopen die tegengesteld reageren op een hogere leeftijd, zoals uitvaartpolissen.

De precieze gevolgen zijn nog onduidelijk, omdat instellingen tijd nodig hebben om de nieuwe sterftecijfers door te rekenen. Maar volgens pensioenconsultant Hewitt kosten de nieuwste ramingen pensioenfondsen grofweg 2,5%-punt aan dekkingsgraad. De gemiddelde dekkingsgraad - de verhouding tussen het vermogen en het uit te keren pensioen - ligt nu op 95%. De Nederlandsche Bank eist minimale dekking van 105%.

De kosten van pensioenen lopen nu nog op, omdat werkenden en gepensioneerden ongeacht hun verwachte ouderdom op een vaste leeftijd mogen uittreden. In de toekomstige pensioenregelingen zal de uittredingsleeftijd meebewegen met de levensverwachting. Dit zal ook gelden voor de AOW.

Bookmark and Share

Advertorials

Boek van de maand

Handboek beursgang

Deel 68

Handboek beursgang
Auteur(s): Bart Bierens
Christel Grundmann-van de Krol
D.J.R. Lemstra
Uitgever: Kluwer juridisch
Prijs: € 96.50

Bestel dit boek